In het
Passeiertal nodigen vier
Waalpaden je uit voor ontspannen wandelingen: het Kuenser Waalpad, Riffianer Waalpad, Maiser Waalpad en Matatzer/Ulfaser Waalpad. Deze historische irrigatiekanalen werden ooit aangelegd om de akkers te bevloeien en behoren tegenwoordig tot de mooiste wandel- en promenadepaden van de regio.
De overwegend vlakke paden voeren je door bossen en weiden en bieden steeds weer prachtige uitzichten over het
Passeiertal. Afhankelijk van de ligging zijn ze van het voorjaar tot de herfst – en sommige zelfs bijna het hele jaar door – toegankelijk. Ze zijn ideaal voor
gezinnen, levensgenieters en iedereen die de natuur op een ontspannen manier wil ontdekken. De wandelingen duren ongeveer 1½ tot 3 uur.